Vilt.
Als je in het Zuid-Limburgse Valkenburg
de beroemde Cauberg omhoog rijdt kom je al snel het dorpje Vilt tegen.
Hier werd in het weekend van 2 augustus duivenhistorie geschreven. Het
was namelijk Frank Kerkhoffs die met zijn “Mirage” liefst met twee
uur los vooruit een magistrale zege behaalde op de zware Bordeaux in
de afdeling Limburg. Er namen 5.071 duiven deel aan de vlucht welke op
vrijdag in de Franse wijnplaats werden gelost om 12.30 uur. Een kalme
wind stond aanvankelijk uit een westelijke richting en zou later naar
het noorden draaien. Daarbij waren de temperaturen weer snel aan de
tropische kant. Het zou voor de duiven weer een harde dobber worden.
De eerste melding van 7.53 uur uit Vilt stond even na achten op de
teletekst, doch daarna was het wachten voor een tweede gemelde duif.
Deze kwam van C. Geurts uit Lomm welke om 10.40 klokte.

De Provinciale winnaar
De doffer welke voor deze geweldige
overwinning zorgde draagt ringno NL00-2390294 en luistert nu naar de
naam “Mirage”. Hij is nogal klein van stuk, want Frank had hem een
tijd lang versleten als duivin, doch is goed gebouwd en heeft een mooi
donker bruin oog. Hij voelde weer goed aan in de hand en je kon zijn
inspanning haast niet meer bespeuren. De eerste twee jaar van zijn
leven werd hij enkel opgeleerd. Zijn fonddebuut deed hij in 2002 door
op nat. Dax prijs 3327 te winnen. Dit jaar ging hij tot Etampes mee om
van Montauban te missen. Op Bordeaux had Frank reeds 6 duiven in de
mand zitten toen hij de “Mirage” in de hand nam. Aanvankelijk
wilde hij hem helemaal niet meegeven, doch hij verraadde de laatste
dagen zijn stijgende forme. Hij voelde goed aan en werd als 7e
getekende in de mand gezet.
In totaal gingen er 10 op reis, waaronder nog
4 broers van de “Mirage”. Op zaterdag zaten zowel Frank als vader
Wiel Kerkhoffs en enkele duivenvrienden reeds vroeg te letten. De
verwachtingen waren hoog omdat er duiven in de mand zaten die reeds
goed gepresteerd hadden. Even voor achten meldde zich de “Mirage”
en werd om 7.53 geklokt op een afstand van 817 km. Dit gaf een
snelheid van 1150 m/min. Na melding in het lokaal in Valkenburg bleek
het de eerst aangekomen duif te zijn en toen er even na 9 uur controle
van het hoofdbestuur kwam (Hr. Houben). Alles werd gecontroleerd en in
orde bevonden. Toen begonnen de zenuwen te werken. Het zou
uiteindelijk de 1e provinciaal worden met vooruit. De “Mirage” had
gezorgd voor een geweldige prestatie. Verder melden zich om 10.35,
10.58 en om 12.54 de overige broers van de “Mirage” aan. Deze drie
broers waren op Montauban de eerste drie aankomende duiven op het hok
in de Pater Tilliestraat. Toen werd begonnen met de 8e Prov. Op
Bordeaux meldde Frank in het inzetlokaal, waar 221 duiven waren
ingezet, de 1e – 9e – 14e –22e – 41e en 47e duif hetgeen in
het provinciale concours 6 prijzen zullen zijn.

De vader van “Mirage” is de “564” van
1994 een geweldige vliegdoffer op het hok van Frank Kerkhoffs. In zijn
palmares vinden we o.a. de volgende kampioenschappen terug. In 1997 6e
wereldkampioen Grote Fond Versele Lage, 16e duifkampioen Grote Fond
NPO, 11e duifkampioen Grote Fond Afdeling Limburg, etc. Hij won dat
jaar de 371e Nat. St. Vincent (20.073 dvn), 277e Nat. Dax (20.349 dvn)
en 250e Nat. Soustons (12.372 dvn). Hij is gekweekt uit duiven welke
Frank als eitjes had gehaald bij hotelhouder Karel Scheepers uit
Valkenburg. In deze duiven vloeit het rijke fondbloed van de Van
Wanrooy duiven van Jo Hendriks uit Twello en van duiven van Thei
Hermans uit Helden-Beringe. De moeder van “Mirage”, de “789”
krasduivin van 1992, komt rechtstreeks van Fons van Ophuizen en
Marietje Marell uit Landgraaf en stamt uit een doffer van wijlen
Pierre Schlangen uit Kerkrade en hierin vinden we de lijn van de 1e
Nat. St. Vincent. Deze doffer zat gekoppeld tegen een kleindochter van
de 1e Nat. Barcelona van Vervisch en Zn uit Kortrijk (B). De ouders van de
“Mirage” hebben reeds gezorgd voor een goede nakweek, zoals de
“690” van ’99 met o.a. een 65e interprov. Montauban en zijn
nestbroer de “691” van ’99. Deze won o.a. een 8e en 58e Prov.
Montauban. Dan de nestbroer van de “Mirage”, de “293” met 7
prijzen op 7 op de grote fond. In 2002 werd hij 1e Asduif SS Valkenburg met 1406e Prov. Bordeaux, 727e Prov. Montauban, 1349e Prov.
Mont de Marsan en 522e Prov. Dax. De appels vallen dus niet ver van de
boom.
De duivenmicrobe geërfd van de buurman
De thans 36 jarige Frank Kerkhoffs, wonende in
het centrum van Valkenburg en netwerkbeheerder op het Atrium Medisch
Centrum in Heerlen, werd in 1984 door de duivenmicrobe besmet via
buurman Sjir Odekerken. Deze is voorzitter van de plaatselijke
duivenvereniging “de Witpen” in Vilt. Al snel kwam er een eigen
hokje in de tuin en werd er voornamelijk en met groot succes
deelgenomen aan de programma vluchten. Doch de schoolbanken lieten
weinig vrije tijd over en zo werd Frank geholpen door vader Wiel
Kerkhoffs. Momenteel is het ook vader Wiel die de ochtendverzorging
van de duiven op zich neemt. ‘s Avonds is Frank ook aanwezig en doen
ze samen het hele verzorgingswerk. Frank had steeds een voorliefde
gehad om de grote fond te gaan vliegen.
Dit paste beter bij zijn studie en werk. In
1995 werd besloten om de overstap te wagen en was provinciaal St. Dizier in 1995 de laatste vlucht als afsluiting van die periode. Hij
deed dit op een waardig manier met 2e – 4e en 40e prijs in de
afdeling. Frank wilde twee disciplines gaan spelen en wel de
ochtendlossingen (ZLU vluchten) en de middaglossingen (Nationaal
programma). Naar zijn inzicht moesten het twee verschillende types
duiven zijn. Voor de middaglossing klopte hij aan bij Fons van
Ophuizen en Marietje Marell uit Landgraaf. Hier haalde hij laatjes uit
het kweekhok. Van Karel Scheepers en Zoon uit Valkenburg werden alle
eitjes van de vliegduiven gehaald.

Voor de ochtendlossingen kwamen de eerste
duiven van de bekende gebroeders Saya uit Maastricht en 2 duivinnen
van Leo Heldens uit Landraaf. De laatste aanwinsten kwamen van de
Vaalser fondcracks Straat-Gulpen. De duiven van de combinatie
Straat-Gulpen worden zuiver gehouden. De overigen worden gekruist in
hun eigen discipline.
Voorbereiding en Spel
Frank bezit 14 kweekkoppels welke in de rennen
zitten van de toenmalige liefhebberij van vader, n.l. diverse soorten
parkieten. Meerdere koppels zitten in afzonderlijke rennen om hun
kweek te waarborgen. De kweekperiode begint rond de kerst. Er worden
twee ronden gekweekt en daarna zit het seizoen er voor de kwekers op.
De 48 vliegkoppels worden gekoppeld rond 20
maart. De vliegduiven zitten op een hok van 8 meter verdeeld in 4
afdelingen van elk 12 doffers. Er wordt veelal per hok gespeeld. De
helft van de doffers brengen een jong groot tot ca. 14 dagen en daarna
gaat het jong met de duivin naar het jonge duivenhok. De doffers
zitten dan meteen op weduwschap. De overigen broeden op eitjes tot ze
eraf gaan lopen. Daarna nog een broedsel tot 5 a 7 dagen en dan begint
ook voor hen het weduwschap. Twee hokken doen de vluchten met
morgenlossingen terwijl de andere twee hokken op de vluchten met
middaglossingen worden gespeeld. De groep voor de middaglossing worden
opgeleerd in stappen van 100 – 200 – 300 en 500 km. De groep van
de ochtendlossing vliegt 100 – 200 en enkele vluchten van 300 km.
Tot half mei vliegen de doffers alleen ’s
avonds voor een training rond het hok. Vanaf half mei wordt er ook in
de ochtend getraind. Het uur is afhankelijk van het weer van die dag.
Gaan de doffers op reis, dan krijgen ze steeds hun duivin. De duur van
dit samen zijn kan variëren van een kwartier tot enkele uren. Komen
de doffers van een vlucht thuis dan zit de duivin te wachten en
krijgen de doffers twee dagen Super M van Mariman in de voerbak. In de
drinkbak zit gedurende drie dagen iets tegen het geel. Het kan ook
zijn dat er van een hok maar enkele duiven zijn ingemand. Deze krijgen
dan een geelpil opgestoken. Tegen het geel gebruikt Frank steeds
andere producten om resistentie te voorkomen. Het geel beschouwt hij
als een van de voornaamste bronnen van ander ziektes, zodoende wordt
dit goed bijgehouden. Een viertal keer wordt de dierenarts R. Hendrikx
te Lanaken (B) bezocht
voor een algehele controle.
Na twee dagen goed voer wordt er in enkele
beurten overgegaan naar alleen gerst. Dit heeft hij overgenomen van de
gebroeders Saya en vaart er wel bij. De laatste 5 dagen krijgen ze dan
de gehele dag een volle bak Super M. Ook nu weer in een aantal
voerbeurten overgaan. De voerbak wordt alleen bijgevuld als deze haast
leeg is. Eenmaal per week komt er gedurende twee dagen biergist en
vitaminen over het voer. Grit en mineralen staan steeds ter
beschikking. Tegen de kopziektes wordt er niets gegeven. In het begin
had hij hier nogal last van, doch sedert hij de verluchting had
aangepast was dit euvel verholpen. Het hok werd namelijk in het midden
d.m.v. een open strook van 80 cm verlucht en dit gaf problemen. De
verluchtingsopening werd verplaatst naar de voorkant (ca. 80 cm) en
voldeed direct. Kleine aanpassingen kunnen vaak grote gevolgen hebben,
meent Frank. Na het seizoen wordt er nog een jong grootgebracht en
daarna mogen ze enkele keren vuil broeden. Dan gaan de bakken dicht en
blijven ze bij elkaar tot einde van het jaar.
Tenslotte
Frank, die nu met zijn 8e fondseizoen bezig is
mag reeds terugblikken op mooie prestaties. In 1996 werd hij reeds 65e
in de ZLU Fondspiegel (categorie 2).
In 1997 was het al heel bijzonder toen de
“564” diverse kampioenschappen behaalde zoals boven vermeld.
In 1999 werd hij 13e ZLU Fondspiegel (cat. 4),
in 2000 35e (cat. 3) en in 2001 77e (cat. 3)
In 2002 - 11e Marathon Wefo, 12e Automarathon
Wefo en 1e Asduif SS Valkenburg.
En nu in 2003 zet hij samen met vader de kroon
op het werk met een geweldige prestatie van hun “Mirage”. 1e
Provinciaal Bordeaux met de concurrenten op 2 uur afstand. Zowel Frank
als de ouders Kerkhoffs en zeker vader Wiel, die toch een groot
aandeel heeft in dit succes, waren zeer in hun nopjes. De felicitaties
bleven dan ook maar binnenkomen.
tekst en foto's: Marcel Görtzen